Achterlandverbindingen: binnenvaart, spoor of weg vanuit de haven.
Voor een container die in Rotterdam of Antwerpen aankomt, begint het eigenlijke transport vaak pas aan de kade. De keuze tussen binnenvaart, spoor en weg bepaalt een groot deel van de kosten, de doorlooptijd en de CO₂-uitstoot van de hele keten.
Drie modaliteiten, elk met een eigen profiel.
Volume tegen lage kosten
Containerbinnenvaart over de Rijn en de Schelde-Rijnverbinding verbindt de zeehavens met inlandterminals in Nederland, België en Duitsland. Lage kosten en uitstoot per container over grotere afstanden, wel met een langere doorlooptijd. Bij lage waterstanden op de Rijn kan de laadcapaciteit afnemen en rekenen vervoerders een laagwatertoeslag.
Betrouwbaar over lange afstand
Vaste dienstregelingen naar bestemmingen in Duitsland, Centraal- en Zuid-Europa. Vanuit Rotterdam loopt een groot deel van het goederenvervoer per spoor via de Betuweroute. Rendabel bij regelmatige stromen en grotere afstanden, met overslag op een terminal aan beide zijden.
Flexibel en direct
Deur-tot-deur zonder overslag en met de kortste doorlooptijd over kortere afstanden. Per kilometer de duurste optie en gevoelig voor congestie rond de havens, maar onmisbaar voor de laatste kilometers. Zie wegtransport en ADR.
Inklaren hoeft niet aan de kade.
Een container hoeft niet in de zeehaven te worden ingeklaard. Onder douanevervoer (T1 via NCTS) kan hij onder douanetoezicht naar een inlandterminal of een opslaglocatie in het binnenland worden vervoerd, waar de invoeraangifte wordt gedaan. Dat haalt druk weg in de haven en brengt de container dichter bij de eindbestemming voordat de rechten verschuldigd worden.
Sommige terminaloperators bieden een extended gate: de inlandterminal functioneert als verlengstuk van de zeeterminal, en de container gaat zonder tussenstop door naar het binnenland. Bij synchromodaal transport wordt pas kort voor vertrek gekozen welke modaliteit wordt ingezet, op basis van de actuele situatie.
Ook voor gereguleerde goederen geldt de volgorde: eerst de grenscontrole, dan het achterlandvervoer.
- Afstand
- Kort: weg. Middellang tot lang: binnenvaart of spoor
- Volume
- Regelmatige stromen maken binnenvaart en spoor rendabel
- Urgentie
- Snel en flexibel: weg. Planbaar: binnenvaart of spoor
- Gewicht
- Zware containers en stukgoed passen goed bij binnenvaart
- CO₂
- Binnenvaart en spoor stoten per tonkilometer doorgaans minder uit dan de weg
- Douanestatus
- Inklaring in de haven of onder douanevervoer in het binnenland
Achterlandvervoer: vragen en antwoorden.
Wat is een laagwatertoeslag?
Bij lage waterstanden op de Rijn kunnen binnenvaartschepen minder diep worden afgeladen en dus minder containers meenemen. Vervoerders rekenen dan een toeslag die oploopt naarmate het water lager staat, meestal gekoppeld aan de peilstand bij Kaub.
Kan ik mijn container in het binnenland inklaren?
Ja. De container gaat dan onder douanevervoer (T1) naar een inlandterminal of erkende locatie, waar de invoeraangifte wordt gedaan. Lees meer over douane-inklaring.
Wat is synchromodaal transport?
Een aanpak waarbij de modaliteit niet vooraf vastligt, maar per container kort voor vertrek wordt gekozen op basis van capaciteit, planning en kosten. Dat vraagt om afspraken met de verlader over flexibiliteit in de levertijd.
Lees verder
Welke modaliteit past bij uw stroom?
Wij vergelijken binnenvaart, spoor en weg op kosten, doorlooptijd en CO₂ voor uw volumes.